E.H.D. van Stijn
Van Stijn heeft wisselende wandelpartners. In 1928 wordt hij gesignaleerd met een zekere A. Michawitz uit Wenen, maar ook met een zekere Schelshorst en in 1930 is het weer de eerder genoemde Van Breemen. Ze zijn in 1928 nog steeds bezig om in Volendammerkostuum een voetreis door de wereld te maken. De mannen beweren door Duitsland, Noorwegen, Zweden, Polen, Rusland, Turkije, Hongarije, Oostenrijk, Zwitserland, Noord-Italië en Frankrijk te hebben gelopen. In Zuid-Frankrijk onderbreekt Van Stijn de reis omdat hij door een radiobericht naar huis wordt geroepen. Zijn vader is overleden. Na zijn bezoek aan Nederland zet hij de voetreis weer voort.
Een merkwaardige collectie ambtelijke stempels
Net als veel andere wereldwandelaars hebben de jongemannen getuigschriften bij zich die laten zien waar ze allemaal zijn geweest. Een journalist schreef: “Het is een merkwaardige collectie ambtelijke stempels en handteekeningen uit geheel Europa”.
Zweep- en lassokoning
Van Stijn was niet alleen wereldwandelaar, maar ook artiest. Daarbij kwam zijn cowboypak goed van pas. Na zijn wandeltocht werkte hij in circus Sarrasani (dat in 1931 door Nederland toerde), werd werkloos, maar bleef als “noodlijdend variétéartiest” in de jaren 1930 optreden. Hij reisde ook rond met Stijn’s Variété. Hij had de artiestennaam Eddy Parlo en trad in zijn cowboypak op als “onovertroffen zweep- en lassokoning”. Parlo hanteerde de Californische zweep en zwiepte er “met wiskundige zekerheid” kranten mee doormidden die zijn collega’s voor zich uit spreidden.
Met dank aan zoon André van Stijn.


